• Pin it! Print

    Glaasje met tomatengazpacho, gelei van grijze garnaal, grijze garnaal en zeekraal en een klassieke mini tomaatgarnaal

    etentje 004.JPG



    Even bijkletsen met vriendinnen kan bij een glaasje, maar ook bij een dinertje. Ik schotelde de meiden eerst dit hapje voor, daarna een lauwe salade met sint-jakobsvruchten, chorizo en sinaasappel. Het hoofdgerecht was een stukje gebakken vis met taglione en groene asperges en tot slot een tompouce met verse aardbeien en pasteibakkerroom.

    1 bakje rijpe kerstomaatjes (4 tomaatjes afzonderlijk houden)
    1 teentje knoflook (fijngesneden)
    Enkele fijngesneden basilicumblaadjes
    Olijfolie
    300 g grijze ongepelde garnalen
    1 sjalot (grof gesneden)
    ½ bakje zeekraal
    Peper
    Zout
    Een beetje mayonaise
    Agar-agar
    2 glazen droge witte wijn

    Pel de garnalen en doe de ‘schalen en garnaalkoppen’ in een kookpotje met de sjalot en de witte wijn. Laat op een zacht vuur ca. 30 minuten koken. Zeef en breng op smaak met peper en zout. Breng opnieuw aan de kook en roer er, afhankelijk van de hoeveelheid vocht, de juiste hoeveelheid agar-agar door (zie verpakking). Giet een bodempje garnalengelei in 4 glazen en laat opstijven in de koelkast.
     

    Was de tomaten, halveer ze en mix ze samen met de knoflook en basilicum fijn tot een soepje ontstaat. Wrijf door een zeef en breng op smaak met zout en flink wat peper. Schenk de gazpacho over de opgesteven garnalengelei en plaats opnieuw in de koelkast.

     

    Blancheer de zeekraal kort en laat goed uitlekken. Meng enkele grijze garnalen met een beetje mayonaise. Hol vier kerstomaatjes uit en vul ze met het garnalenmengsel. Schik op een klein bordje wat zeekraal, strooi er peper over en plaats daarop het gevulde tomaatje. Werk de gazpacho af met de rest van de grijze garnalen en wat zeekraal.  

    etentje 006.JPG

  • Pin it! Print

    Scheermesjes met zuiderse salsa

     

    etentje 020.JPG

    Scheermesjes of messchelpjes heb ik pas enkele jaren geleden ontdekt en nu en dan maak ik daar graag een gerechtje mee. Dit hapje bijvoorbeeld is een koude versie. In het kookboek ‘Puur Zeeland’ van Sergio Herman las ik dat er maar een gedeelte van deze scheldiertjes eetbaar is, terwijl andere chefs ze in hun geheel serveren. Voor dit receptje volgde ik Sergio zijn advies, omdat het ook mooier presenteert.

    H
    apje voor 4 personen

    Een ‘bussel’ messchelpen of scheermesjes
    Olijfolie
    2 teentjes knoflook
    2 takjes rozemarijn
    2 takjes tijm
    1 stukje courgette (ca. 7-8 cm)
    ½ peersjalotje
    Ca 4 rijpe mini trostomaten
    1 à 2 el olijfolie extra vergine
    1 el witte wijnazijn
    Peper
    Zout
    Enkele blaadjes fijngesneden basilicum

    Bak de scheermesjes in hun schelp samen met de geplette teentjes knoflook en de takjes rozemarijn en tijm. Snijd de courgette en de sjalot zo fijn mogelijk, ontpit de tomaatjes en snijd ook het vruchtvlees heel fijn. Meng de groenten onder elkaar, roer er de olijfolie en de wijnazijn over. Breng op smaak met peper en zout en met de fijngesneden basilicum.

    Haal de schelpdiertjes uit hun schelp. Gebruik enkel het witte gedeelte en snijd dat in stukken van ca. 1,5 cm. Neem 8 schelphelften en spoel die goed uit. Verdeel de salsa en de stukjes schelpdier over de halve messchelpen.

     

    Tip: proef steeds en voeg naar smaak meer azijn, olie of kruiding toe.

  • Pin it! Print

    Kwarktaart met aardbeien en lavendel

    004.JPG

    Deze lichte taart met een subtiele lavendelsmaak werd vorige week door één van mijn cursisten gemaakt. De enige man in het gezelschap moest helemaal niet onderdoen voor zijn vrouwelijk medecursisten. Hij garneerde de taart als een doorwinterde patissier.


    voor 4 personen


    Voor de taart
    50 g boter
    ½ tl gedroogde lavendel, geplet
    120 g (volkoren) koekjes (fijngemalen)
    30 + 50 g fijne suiker
    250 g verse roomkaas (kwark)
    2 ½ dl Griekse yoghurt
    1,5 dl slagroom (lobbig, maar toch stevig geklopt)
    1 limoen (de geraspte schil)
    6 melisseblaadjes
    200 – 250 g aardbeien (ontdaan van kroontje)

    Smelt de boter, doe de lavendelbloemetjes erin en neem van het vuur. Voeg de gemalen koekjes en 30 g suiker toe en meng alles goed door elkaar. Druk de nog warme massa uit op de bodem van een springvorm (20 cm doorsnede), zodat er een mooie taartbodem ontstaat. Plaats ca. 2 uur in de koelkast. Klop in een schaal de kwark, de resterende suiker en yoghurt tot een glad mengsel. Vouw de lobbig geklopte slagroom onder het roomkaasmengsel. Stort het mengsel vervolgens op de taartbodem en strijk de bovenkant glad. Plaats opnieuw 1 uur in de koelkast. Werk de taart voor het opdienen af met de aardbeien (heel, gehalveerd of in vier gesneden. Bestrooi eventueel met een beetje poedersuiker en werk verder af met de limoenrasp, enkele lavendelbloemetjes en de citroenmelisse.